Het onderzoeksproces in de milieukunde
Programma
Onderwerp van de lessen
Les 1: Oriëntatie: wat weet je al?
Les 2: Het onderzoek van prof. Helias Udo de Haes
Les 3: Het standaardmodel voor wetenschappelijk onderzoek
Het lespakket voor dit onderzoek is erg uitgebreid. Het volledige bestand is op deze pagina te downloaden. Hier een selectie uit de vragen en opdrachten die Wiepke, Daphne, Margriet en Eva hebben bedacht.
Les 1
Vraag 1a Maak samen met je buurman/buurvrouw een woordspin over het onderwerp wetenschap, en noteer deze hieronder.
Vraag 1b Bespreek de verschillende woorden uit de woordspin met de klas. Schrijf vervolgens hieronder op welke ideeën over wetenschap in ieder geval juist zijn
Vraag 5. De atoombom is een voorbeeld van een wetenschappelijke ontdekking die grote invloed heeft gehad op de maatschappij. Bedenk nu nog een paar ontdekkingen die grote invloed op de maatschappij hebben gehad (voor iedere soort wetenschap minstens één).
Huiswerkopdracht
Verzin voor volgende les zelf een onderzoeksvraag. Dus: waar ben jij nieuwsgierig naar? Wat heb je altijd al willen weten? Bedenk daar een vraag bij, die je zou kunnen beantwoorden door een wetenschappelijk onderzoek uit te voeren.
Les 2
De vier studenten van het Pre-University College die deze lesbrief hebben gemaakt, hebben de kans gekregen om met een echte wetenschapper te komen praten. Ze hebben hem geïnterviewd over één van de onderzoeken waar hij bij betrokken was. Dat was in dit geval zijn onderzoek naar fosfaat. Waar het de studenten om ging, was niet per se wat er uit het onderzoek kwam, maar hoe het onderzoek precies verliep. Onderzoek kan namelijk niet zo gemakkelijk verlopen als je zou denken...

Dit is hem dan: professor Helias Udo de Haes. Hij is afgestudeerd in de biologie, en heeft zich later gespecialiseerd in de milieukunde. Tegenwoordig is hij met emeritaat (pensioen), maar hij is nog steeds actief betrokken bij onderzoek.
Een deel van het geld was een dagvergoeding voor degenen die eraan werkten, een ander deel van het budget was bestemd om studies uit te zetten. In dit geval werd de studie uitgezet naar de universiteit van Wageningen, naar het . . . . . . . . . . instituut.
Deze ideeën moeten nieuw zijn en mogen . . . . . . . . . . . zijn. Ideeën voor onderwerpen kunnen onder andere worden opgedaan uit wetenschappelijke bijlagen van kranten, nieuw verschenen artikelen en bij . . . . . . . .. .. In de stuurgroep zijn er verschillende ideeën naar voren gebracht. De stuurgroep heeft op eigen initiatief het dreigende tekort aan. . . . . . . . als voedingsstof voor de landbouwproductie op de agenda gezet. Dit vonden zij een belangrijk, maar vooral ook concreet onderwerp met vele vertakkingen.
Meneer Udo de Haes was lid van deze stuurgroep, en werd benoemd tot . . . . . . . . . van de werkgroep die ingesteld werd om dit te onderzoeken.
Een aantal zaken die de voortgang van het onderzoek kunnen belemmeren zijn:
• de vraagstelling is onduidelijk
• de gebruikte methode om te experimenteren / onderzoeken is ongeschikt
• er is sprake van serendipiditeit (iets onverwachts vinden als je op zoek bent naar iets anders)
• de resultaten blijken heel anders dan gehoopt / verwacht
• je bent het verkeerde aan het onderzoeken / je zit op het verkeerd pad
• de resultaten zijn onduidelijk / er is geen verband tussen te vinden
• het onderzoek en de resultaten blijken achteraf onbetrouwbaar
• er ontstaat ruzie
• je hebt pech
• er is tijdnood
• je hebt te maken met geldgebrek
Les 3
Het standaardmodel
Wetenschapsfilosofen hebben na lang nadenken een standaardmodel voor wetenschappelijk onderzoek opgesteld. Dit is een heel algemeen model, het bestaat namelijk uit zes opeenvolgende stappen die je moet volgen om tot een goed onderzoek te komen.
Vraag 8. De volgende zes stappen van het standaardmodel voor wetenschappelijk onderzoek staan helaas in de verkeerde volgorde. Zet jij ze even in de goede volgorde?
a. Nieuwe data verzamelen (bronnen, experimenten, vragenlijsten etc.)
b. Al bestaande informatie opzoeken
c. Voorlopige conclusie trekken, nieuwe vragen verzinnen met nieuwe hypothese
d. Waarnemen, beschrijven
e. Werkhypothese maken
f. Ordenen, verbanden zoeken
Vraag 9. Koppel aan elke stap een fase in het onderzoek van professor Udo de Haes.
Tijdsduur
Deze les duurt ongeveer 150 minuten.
Toelichting
Opdracht na afloop
Nu je het standaardmodel van een wetenschappelijk onderzoek kent, en je bovendien al eerder kennis hebt gemaakt met alle onzekerheden, fouten en verrassingen die er in de praktijk bij komen kijken, is het tijd om zélf weer eens wat te gaan bedenken.
Aan het eind van les 1 kreeg je de opdracht mee naar huis om een onderzoeksvraag te verzinnen. Schrijf deze vraag op een apart kaartje. Het is de bedoeling dat iedereen in de klas dit doet. Geef vervolgens je kaartje door aan een klasgenoot. Deze schrijft de eerstvolgende stap op die je zou moeten verrichten volgens het standaardmodel. Luidt de onderzoeksvraag bijvoorbeeld: "Wat is het effect van cafeïne op je concentratie?", dan schrijft je klasgenoot op dat de onderzoeker op zoek moet gaan naar informatie over cafeïne, door bijvoorbeeld wetenschappelijke publicaties over die stof te verzamelen. Het kaartje wordt net zo lang doorgegeven, totdat de hele onderzoekscyclus erop staat geschreven (door verschillende klasgenoten). Neem je kaartje weer terug: komt de onderzoekscyclus die erop staat een beetje overeen met het standaardmodel? Misschien kun je hem dan wel gaan uitvoeren......
